Bijbelgetrouw, krachtig en praktisch onderwijs van Andrew Wommack
Overzicht van de vertaalde bijbelstudies van Andrew Wommack, klik hier...

3. De uitwerking van lofprijs op de Heer
Andrew Wommack

Deel 1. De uitwerking van lofprijs op de gelovige
Deel 2. De uitwerking van lofprijs op de duivel
Deel 3. De uitwerking van lofprijs op de Heer

Oorspronkelijke titel: Effects of Praise
Als MP3 bestand te downloaden van: www.awmi.net
Vertaling: Wiebrig Calderhead

Prijs de Heer. Dit is de derde tape in onze driedelige serie over de uitwerking van lofprijs. We hebben al behandeld wat de uitwerking van lofprijs op de gelovige is. We hebben de uitwerking van lofprijs op satan besproken en op deze tape gaan we het hebben over de uitwerking die lofprijs op de Heer heeft. Ik geloof dat van deze drie onderwijstapes deze de belangrijkste is. Nu is dat uiteraard een subjectieve mening, want het hangt er ook vanaf waar jij je bevindt. Als jij in een gevecht van man tegen man met de duivel bent verwikkeld en jij op dit moment echt hulp nodig hebt op dit gebied, dan is het waarschijnlijk het belangrijkste voor jou dat je leert hoe lofprijs sterkte is tegen de vijand en de wreker (Psalm 8:3). En evenzo, als jouw gedachten je kwellen en je worstelt met verschillende dingen, depressiviteit, enzovoort, dan zul je ondervinden dat het belangrijk is om te weten te komen hoe lofprijs uitwerking heeft op het individu. Maar als je al deze dingen neemt en een lijst maakt van wat het belangrijkste is, dan geloof ik echt dat onze dienst voor de Heer door lofprijs het allerbelangrijkst is. Het werkt op de lange termijn. Als we beginnen hierin te handelen en te begrijpen hoe lofprijs uitwerking heeft op de Heer en hoe het Hem dient, dan zal dit een fundament geven dat ons hele leven standhoudt, niet alleen als we in een crisis zitten, maar het zal een waarheid blijven en zal een fundament worden voor onze relatie met God voor de hele duur van ons leven hier op aarde.

Nu we het dus gaan hebben over de uitwerking die lofprijs op God heeft, wil ik eerst beginnen met Handelingen 13: 1-2. Dit is slechts ťťn van de vele teksten die dit illustreert. Hetzelfde wordt vele malen in het woord van God in verschillende bewoordingen gezegd en als we dit bespreken, dan geloof ik dat je in staat zult zijn om te zien dat dit iets is dat constant in het woord voorkomt. 

In Handelingen 13:1-2 staat:

1 Nu waren er te AntiochiŽ in de gemeente aldaar profeten en leraars, namelijk: Barnabas, Simeon, genaamd Niger, Lucius van Cyrene, ManaŽn, de zoogbroeder van Herodes, de viervorst, en Saulus. 2 En terwijl zij vastten bij de dienst des Heren, zei de Heilige Geest: Zondert Mij nu Barnabas en Saulus af voor het werk, waartoe Ik hen geroepen heb. 

Heel vaak lezen we over deze verzen heen en gaan we ons richten op de resultaten. We spreken erover dat in deze tekst staat dat de Heilige Geest Barnabas en Saulus afzonderde en dat dit het begin is van de bediening van Paulus. Honderdduizenden mensen zijn aangeraakt door het leven van Paulus, door zijn leiderschap en door de brieven die hij naliet, die bijna tweederde van het Nieuwe Testament beslaan. Paulus heeft sindsdien de wereld definitief veranderd. Dus toen de Heilige Geest Barnabas en Saulus riep was dit tijdstip echt een keerpunt in de geschiedenis van de kerk. Vaak richten we ons daarop, vanwege het belang van al die andere dingen waarover in de Schrift geschreven wordt. 

Maar in vers 2 staat: "bij de dienst des Heren". De eerste keer dat ik dit echt las, knalde het woord "dienst" van de pagina af. Ik moest even gaan zitten en ik was verbijsterd. Ik dacht bij mezelf: "hoe staan we in dienst van God?" Zie je, mijn gedachtepatroon was dat als je in dienst van iets staat, in een bediening, dan preek je, ik bedoel, je onderwijst, zoals ik het hier op de tape doe. Of soms kun je een persoon bedienen, iets voor hem doen. Maar hoe kunnen we God bedienen? We hoeven zeker niet voor God te preken. Dus hoe kunnen we Hem dienen? Eťn manier om God te dienen is als wij andere mensen dienen. In MatteŁs 8 lees je dat dit gebeurde met de schoonmoeder van Petrus, dat de Heer Jezus bij haar kwam en haar genas van een koorts. Hij bestrafte de koorts, deze verliet haar en zij stond op. De Schrift zegt dat zij Hem bediende. In dit geval is het duidelijk dat ze haar huishoudelijke plichten ging doen, de normale dingen die de vrouwen uit die tijd deden. Ze nam de mantels aan, waste de voeten, maakte voedsel voor hen klaar, dat soort dingen. Dat is een soort bediening en ik bagatelliseer dit volstrekt niet. 

Maar zie je, dat was het enige begrip dat ik had van bediening. En in het geval van Handelingen 13 is het duidelijk dat deze mensen aan het vasten en bidden waren en de Heer dienden. Ze waren niet bezig om andere mensen te dienen, ze waren bij elkaar gekomen met als doel zichzelf af te zonderen en God te zoeken. Dus in dit geval waren ze niet voor andere mensen aan het bidden en ze gingen er niet op uit om voor andere mensen te getuigen en handen op zieken te leggen. Uit de context is gemakkelijk te begrijpen wat ze aan het doen waren. Ze waren bezig met God te aanbidden. Ze waren bezig God te verheerlijken. Toen ik dit begon te zien, realiseerde ik me opeens dat God bediening nodig heeft. 

Het is belangrijk dat je nu goed oplet wat ik zeg. Iemand zou wat ik zeg verkeerd kunnen opvatten en denken dat God ergens gebrek aan heeft of iets tekort komt. Men zou kunnen denken dat ik nu zeg dat God een probleem heeft en dat wij dit probleem moeten oplossen. Natuurlijk zeg ik dat helemaal niet. God is compleet. Hij heeft genoeg aan Zichzelf. Als er helemaal geen mensen zouden zijn, dan zou de Heer nog steeds God zijn. Hij zou compleet zijn. Maar tegelijkertijd is God liefde, en dat is het punt dat ik hier naar voren probeer te brengen. Het staat in 1 Johannes 4:8 dat God liefde is. En iedereen die liefheeft, heeft er niet alleen behoefte aan die liefde te tonen, maar heeft er ook behoefte aan dat die liefde beantwoord wordt. En God is liefde. Het is niet alleen dat God ons liefheeft, maar God heeft een behoefte, in de zin dat Hij het nodig heeft dat wij Hem liefhebben. 

Ik geloof dat dit in eerste instantie achter de schepping van de mens zat. We hebben op de tweede tape al de tekst uit Openbaringen 4 behandeld. Hier wil ik graag weer naar verwijzen en er een ander punt uit halen. In Openbaring 4 vers 11 laat de Schrift ons zien wat op dit ogenblik gaande is in de hemel; alle engelen, de 24 oudsten, de vier dieren die God voortdurend aanbidden. En zij zeggen dit: "Gij, onze Here en God, zijt waardig te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de macht; want Gij hebt alles geschapen, en om uw wil was het en werd het geschapen." Nogmaals, ik heb hier al over gesproken, maar de woordkeuze is erg belangrijk. Er staat: "het was en werd geschapen". Met andere woorden, het oorspronkelijke doel van de schepping, wat nog steeds Gods doel is, is voor Zijn welbehagen. 

God schiep de mens voor Zijn welbehagen. En natuurlijk niet alleen de mens, maar de hele schepping. Alles was geschapen voor Zijn welbehagen. Zie je, we zijn zo gericht op het dienen, dat we voortdurend denken: "Wat bereik ik hiermee, wie bereik ik hiermee?" Ons denken gaat zozeer in die richting dat we vaak vergeten dat als het God zegent, als het God dient, het niet per se ten goede hoeft te komen aan iemand anders.

Een voorbeeld hiervan is ťťn van de keren dat ik met mijn gezin op vakantie was. We waren in Colorado en we houden ervan naar plekken te gaan waar andere mensen niet komen. We houden er niet van om naar grote steden te gaan. Ik denk dat het komt omdat ik altijd al tussen de mensen ben en dat vakantie daarom voor mij betekent dat ik weg ben van dit alles en tijd heb voor mijn gezin, rust te hebben en zo. We gingen dus de bergen van Colorado in. We reden op een onverharde weg zover als onze auto ons kon brengen, vervolgens verlieten we de auto en we volgden een soort van pad totdat dit ophield en daarna gingen we door en baanden zelf een pad. We waren op een hoogte van ongeveer 3.000 meter en nadat we over een bergtop waren gekomen keken we naar beneden en zagen we een meer. Het was een prachtig meer. Natuurlijk kon je honderden mijlen ver zien, we zagen al die bergen rondom ons. Naast het meer was een grasland. Het was eind juli en Colorado heeft in de bergen maar een kort bloeiseizoen. We waren er toevallig precies in de goede tijd. We zagen bloemen, wilde bloemen, ze stonden allemaal in bloei en sommige waren wel 1,20 of anderhalve meter hoog. Het waren de prachtigste bloemen die ik ooit heb gezien. Zoiets had ik nog nooit eerder gezien. Terwijl ik daar stond en naar al deze pracht keek, was ik vol bewondering. En ik begon over God te denken. "Dit is onvoorstelbaar, dit is ontzagwekkend, de inspanning die U in dit kleine gebied hebt gestopt. Al deze bloemen." Weet je, de mens met al zijn grote wijsheid en technologie en alle dingen die hij tot stand heeft weten te brengen zou niet in staat zijn geweest om slechts ťťn zo'n bloem na te maken, zelfs als alle mensen hun krachten zouden bundelen. De mens is hiertoe volkomen onbekwaam. En hier waren duizenden en duizenden bloemen. Ik wist dat ze over een paar weken allemaal verwelkt zouden zijn. Het was dus heel goed mogelijk dat niemand ooit die bloemen zou hebben gezien, behalve wij. Ik weet niet of iemand anders op die plek was geweest. Dus terwijl ik zo over dit alles nadacht, bracht ik het onder woorden en zei tegen Jamie: "Is het niet ontzagwekkend dat de Heer al die moeite heeft gedaan? Voor zover ik weet zijn wij de enige mensen die hier zijn gekomen en dit kunnen zien." Ik zei: "God deed al die moeite speciaal voor ons." Ik zou wel willen geloven dat God zoiets alleen voor ons zou hebben gedaan, maar terwijl ik dat zei, citeerde Jamie de tekst uit Openbaringen 4:11 voor me en ze zei: "Om Zijn welbehagen waren en werden alle dingen geschapen." Ze zei dat het niet zou hebben uitgemaakt of iemand dit gezien zou hebben, omdat God Zijn welbehagen heeft in de dingen die Hij gemaakt heeft. 

Plotseling drong het tot me door dat dit precies was wat God me wilde laten zien, dat God gezegend wordt door Zijn schepping. God heeft een behoefte. Hiermee zeg ik niet dat hij een behoefte heeft in de zin van een zwakte, een gebrek of een onvolkomenheid, maar God heeft een wens om welbehagen te ontvangen uit de dingen die Hij heeft geschapen en gemaakt. Zie je, mijn denkwijze was: "Voor wie deed Hij dit? Er moet wel iemand zijn die hierdoor geraakt wordt. Er moet wel enige waarde in zijn. God zou niet alleen maar al die moeite doen als niemand het kan zien." Maar dit is een verkeerde manier van denken, omdat God zelf er welbehagen in heeft. 

Als het gaat om onze relatie met de Heer maken we vaak dezelfde denkfout. We denken dat de enige manier waarop we God kunnen dienen is door Hem van dienst te zijn doordat we andere mensen bereiken, door in een kerk te werken, door aan anderen te getuigen, door te bidden en ten behoeve van iemand anders voorbede te doen. Hiermee dienen we God ook, ik bagatelliseer dit niet, maar wat ik bedoel te zeggen is dat we de Heer ook kunnen dienen op een ander gebied en dat veel christenen dat niet in de gaten hebben. Namelijk, dat God ons schiep voor Zijn welbehagen. God houdt van ons. God wil onze lofprijs en aanbidding. Lofprijs is ten dienste van God. Lofprijs zegent God. En ook al had het geen enkel ander nut, dan nog zou dat genoeg reden zijn om God te prijzen. God heeft ons alles gegeven. Hij heeft letterlijk de hemel leeggeplukt, Hij heeft het meest kostbare genomen wat Hij had, dat was de Heer Jezus, die Hij naar de aarde heeft gezonden om ons te verlossen. Dit alles deed Hij voor ons en God verlangt er hevig naar dat wij Hem op onze beurt prijzen en aanbidden.

Ik zou dit op een menselijk niveau kunnen zetten. Soms aarzelen we om dit soort vergelijkingen te maken, omdat we op de een of andere manier het gevoel hebben dat we hiermee God verlagen. Dat is helemaal niet mijn bedoeling, maar ik geloof wel dat God een persoon is. Ik geloof zeker dat God gevoelens en emoties heeft. De Schrift zegt dat ook. Eigenlijk staat het vier keer in Psalm 107. De schrijver van deze psalm schreef over alle grote werken die God voor de natie IsraŽl had gedaan, met name sprak hij erover hoe God hen uit het land Egypte had geleid, hoe Hij al deze wonderen had gedaan en de naties voor hen uit had gedreven, enzovoort. En terwijl hij dit verhaalde, voegde hij in deze psalm vier keer in "dat zij de Here loven om Zijn goedertierenheid en om Zijn wonderen aan de mensenkinderen." 

Als je het in deze context leest, heeft hij het er niet over dat de mens de Heer zou prijzen voor wat Hij voor hen persoonlijk heeft gedaan. Dat hebben we al besproken, hoe wij zelf baat hebben bij lofprijs. De schrijver zegt niet dat wij de Heer moeten prijzen omdat het ons helpt de vijand te verslaan, hoewel dat wel zo is, maar in dit geval sprak hij vanuit het perspectief van God. Hij legde een verband met het hart van God en zei: "dat de mens de Heer zou loven om Zijn goedertierenheid." Met andere woorden, God is het waard om geprezen te worden. God verdient onze lofprijs. God heeft zoveel voor ons gedaan. Vaak schieten we tekort om in te zien dat God onze lofprijs terugverlangt. God verlangt daar hevig naar. Het is net als in een relatie tussen ouder en kind. God houdt van ons als een Vader en Hij wil onze liefde geretourneerd hebben. Dus in die zin heeft God een behoefte. God heeft er behoefte aan dat Zijn liefde teruggegeven wordt.

Het voorbeeld wat ik daarnet wilde geven is dat je je niet kunt voorstellen dat als je van iemand houdt, als je iemand overgiet met jouw liefde, als je zelfs zoveel zou geven dat jij je eigen zoon zou nemen en deze zou opofferen, zodat de ander vrijuit zou gaan, als je dat allemaal voor die ander deed, dat die ander zich zou omdraaien en niet eens dankjewel zeggen. Dat diegene niet dankbaar zou zijn en geen wederdienst zou doen. Ik kan je verzekeren dat je dat helemaal niet leuk zou vinden. Het is onvoorstelbaar dat iemand die werkelijk van iemand anders houdt en die liefde laat zien en demonstreert, dat zo iemand die liefde niet beantwoord zou willen zien. Iedereen die liefheeft heeft er behoefte aan om die liefde terug te ontvangen. Ik geloof dat God die behoefte heeft. 

Opdat niemand dit verkeerd zal opvatten wil ik nogmaals duidelijk stellen dat ik niet zeg dat God depressief is, dat Hij ontmoedigd is, dat Hij geschokt is omdat niemand Hem de liefde geeft die Hem toekomt. God is groter dan dat. Maar ik geloof dat God verlangt naar onze liefde en ik geloof dat God er geen behagen in heeft als we Hem niet liefhebben zoals we zouden moeten doen. Ik zeg niet dat Hij geen behagen in ons heeft, maar Hij heeft geen behagen in het gebrek aan lofprijs. God verlangt naar onze lofprijs.

Er zijn letterlijk honderden voorbeelden in de Schrift waar de Heer ons uitnodigt Hem te prijzen, waar de Heer ons vertelt dat we aan Hem de glorie zouden moeten geven die Hem toekomt. Aanbid de Heer in de luister van Zijn heiligdom. Hij biedt ons in Psalm 100:4 aan om met een loflied Zijn poorten binnen te gaan en in Zijn voorhoven met lofgezang. Wees Hem dankbaar en prijs Zijn heilige naam. Hij beveelt ons aan dat dit de manier is waarop we onze relatie met Hem zouden moeten beginnen. We zouden onze gebeden moeten beginnen met Zijn poorten binnengaan met dankzegging en in Zijn voorhoven met lofgezangen. God verlangt ernaar dat het op deze manier zal zijn. De reden hiervoor is omdat God van ons houdt en Hij die liefde terug wil zien. 

Ik denk dat veel Christenen dit niet hebben begrepen. We denken dat onze netto waarde voor God, het enige wat we werkelijk God kunnen aanbieden, onze dienstverlening is. En toch is dat niet waar. God verlangt naar ons persoonlijk, niet naar wat wij kunnen geven, niet alleen naar wat wij voor Hem kunnen doen, maar God heeft genegenheid voor ons, een sterke liefde en een hevig verlangen naar ons en Hij wil onze liefde en aanbidding terug. Als we dit verkeerd begrijpen, als we denken dat het enige wat we God kunnen bieden onze dienstverlening is, dat wat we voor Hem kunnen doen, dan komt dat niet tegemoet aan de behoefte die God heeft.

Weet je, ik trouwde met mijn vrouw Jamie omdat ik van haar hield. Toen ik haar ten huwelijk vroeg en zei: "Jamie, ik wil de rest van mijn leven met je delen," wilde ik alles met haar delen. En ik trouwde met Jamie omdat ik van haar hield en een relatie met haar wilde. Het blijkt dat Jamie in andere gebieden een uitstekende vrouw is. Ze kookt voor me, ze kookt voor de kinderen, ze houdt het huis schoon, ze wast de kleren, ze doet gewoon heel veel dingen die bijdragen aan het huishouden. En ik bedoel dat ze het ook nog goed aanpakt. Ze is een perfectionist waar het op organisatie aankomt. Soms schiet ze op dat gebied wel eens door. Maar het vormt een heel goed evenwicht met hoe ik ben, want ik ben helemaal niet zo georganiseerd. Maar Jamie, ze heeft zelfs haar kruiden op alfabetische volgorde staan. Als ik iets niet kan vinden in ons huis, dan hoef ik alleen maar even te gaan zitten en te denken, nou, wat is logisch, waar zou Jamie het hebben opgeruimd, en dan kan ik het zo weer vinden. Ik bedoel maar, zo voorspelbaar is ze. Ze is georganiseerd, ze pakt alles goed aan. We wonen op een heuvel en onze schoenen worden echt vies, dus we hebben een soort van vestibule en ze vraagt ons onze schoenen uit te trekken als we binnenkomen. Nu moet ik eerlijk toegeven dat ik dat niet altijd doe, maar wat ik duidelijk wil maken is dat ze ons huis echt goed schoonhoudt en dingen doet die ons huwelijk ten goede komen. En dat waardeer ik heel erg. Maar als het ooit zover zou komen dat ze zich drukker zou maken over deze uiterlijke dingen, die weliswaar een dienstverlening en een zegen zijn, dan over mij en onze persoonlijke relatie, dan zouden juist de dingen, die op dit moment echt een zegen voor me zijn, ophouden me van nut te zijn en ik zou ze zelfs kunnen haten. Als ze bijvoorbeeld zou schreeuwen: "Trek je schoenen uit, anders mag je niet binnenkomen!" omdat het tapijt belangrijker voor haar is dan ik, dan zou me dat niet zegenen. Het zou geen dienstverlening meer zijn.

Volgens mij kan iedereen dit begrijpen. Ik zou een kok kunnen inhuren en iemand om mijn huis schoon te houden, als ik alleen maar dienstverlening wilde hebben, iemand die dingen voor me doet. Dan zou ik dat hebben kunnen doen zonder getrouwd te zijn. Maar zie je, daar gaat het in het huwelijk helemaal niet om. Het huwelijk gaat om relatie. En als je die andere dingen er bij krijgt, dan is dat een zegen. Prijs God, Jamie is een geweldige zegen voor me. Maar daarom ben ik niet met haar getrouwd. Dat is niet de focus van ons huwelijk. Je kunt niet een huwelijk opbouwen gebaseerd op een schoon huis, een schoon servies en schone kleren. Daar wordt een huwelijk niet door gemaakt.

Hetzelfde gaat op voor onze relatie met God. Ja, God wil graag dat wij Hem dienen doordat we andere mensen helpen, doordat we voor hen bidden en goede dingen doen voor andere mensen. Dat hoort er ook bij en het is geweldig. Maar het is niet een vervanging voor onze persoonlijke relatie met God. Ik denk dat Christenen vaak niet het idee hebben dat ze persoonlijk iets aan God kunnen geven, behalve als ze voor Hem druk in de weer zijn. Heel veel mensen hebben de indruk dat als ze wedergeboren worden, ze tegen God zeggen: "Ik ben degene die in nood zit, ik ben degene die van alles nodig heeft. Maar U hebt niks nodig." We komen dus tot God met de mentaliteit van "God, ik heb aan van alles gebrek." 

Ik moet toegeven dat je het eigenlijk niet kunt vergelijken. Wij zijn natuurlijk ook degenen die alle mislukkingen en gebreken in ons leven hebben, maar het is niet juist om ervan uit te gaan dat God geen behoefte heeft, dat we niets voor Hem kunnen doen, behalve dienen en dingen voor anderen doen. God heeft ons nodig. Hij verlangt naar ons. Hij heeft ons niet nodig in de zin dat hij incompleet is zonder ons, maar vanwege Zijn grote liefde voor ons heeft Hij het nodig dat we die liefde beantwoorden. Hij verlangt ernaar dat wij die liefde beantwoorden en een relatie met Hem hebben. Zoals we in Handelingen 13:2 aanhaalden, kunnen we op die manier God dienen. Niet door tegen Hem te preken, niet doordat we dingen voor Hem doen, maar door Hem rechtstreeks lief te hebben. Daarmee dienen we God.

Ik was eens op een conferentie voor zendelingen. Er stond een man op die begon te spreken over het belang van zending en hij beweerde dat de enige geldige reden voor ons bestaan hier op aarde is om iemand anders tot de Heer te brengen. Ik begreep wat hij eigenlijk wilde zeggen. Hij probeerde mensen aan te moedigen om in te zien dat we zouden ons geloof met anderen moeten delen en ik was het eens met zijn hart. Ik was het eens met wat hij probeerde over te brengen, maar toen hij dat zei, sprak de Heer in mijn hart en zei: "Nee, nee, nee, dat is niet de enige reden. Dat is niet de enige manier waarop jij je bestaan hier op aarde kunt rechtvaardigen. De reden hiervoor was datgene waar we het hier over hebben gehad. Onze eerste prioriteit moet zijn dat we God persoonlijk liefhebben. Niet alleen God liefhebben door de dingen die we voor Hem doen, maar God liefhebben. Het is niet voldoende om God je tijd te geven, je moet Hem je hart geven. Als God je hart heeft, dan heeft hij je agenda, je dienstverlening. Hij krijgt al het andere dat je kunt geven. God wil jou, niet alleen maar wat je voor Hem kunt doen.

Als je helemaal teruggaat naar Adam en jij je dit vers in Openbaring 4:11 herinnert, dat voor Zijn welbehagen alles was en werd geschapen, dan is het oorspronkelijke doel waarom Adam werd geschapen nog steeds hetzelfde doel. Het is het allereerste doel dat God voor de mensen van deze tijd heeft. Als je terugkijkt naar Adam en Eva, wat was dan de geldige reden voor hun bestaan, voordat zonde de wereld inkwam? Hoe konden zij hun bestaan rechtvaardigen? Zie je, Adam en Eva hadden niet de dingen die veel Christenen aanvoeren om tegenwoordig hun bestaan te rechtvaardigen. Adam en Eva werkten en dienden niet in een kerk, ze hadden niemand die ze moesten bedienen, van wie ze demonen moesten uitdrijven of zieken op wie ze de handen moesten leggen om hen beter te maken, ze hadden niemand om voor te bidden, om voor hun voorspoed te bidden, enzovoort. Dus wat was de rechtvaardiging voor het bestaan van Adam en Eva? Ik geloof dat je zou moeten zeggen dat het voor het welbehagen van de Heer was. God schiep hen om een voorwerp van Zijn liefde te zijn, zodat Hij ze kon liefhebben en hen dienen, maar ook zodat zij er zouden zijn om Hem lief te hebben. Het was een tweerichtingsverkeer, een communicatie die twee kanten uitwerkte. God had dagelijks plezier in Adam en Eva. Dat was Zijn doel om de mens te schapen.

Tjonge, dit is krachtig. God schiep de mens omdat Hij iemand wilde om omgang mee te hebben, om in nauw contact mee te staan, om plezier in te hebben. Dat was het doel waarom God de mens schiep. Als ik denk dat mijn netto waarde voor God is wat ik voor Hem kan doen, hoe goed ik presteer, dan mis ik helemaal waar het bij de redding om gaat. God gebruikt ons niet als een stuk gereedschap om iemand anders te bereiken, om de wereld te verzoenen, om grote aantallen volgelingen te vergaren. Ik geloof dat de Heer voor mij gestorven zou zijn als ik de enige persoon op aarde zou zijn geweest. Ik geloof dat Hij voor mij verzoening gedaan zou hebben ook al had ik niemand om te dienen, als ik niets voor Hem zou kunnen doen. God houdt gewoon van mij.

Zie je, God had geen medelijden met de mensheid. Het was niet alleen medelijden. Soms denk ik dat de mensen het wel zo hebben gezien, dat God een soort van verplichting voelde omdat Hij onze Schepper was en omdat de dingen zo verknald zijn, zodat God medelijden met ons kreeg en Hij een uitweg voor ons gaf. Zo zien veel mensen het. Ze noemen het liefde. Ze citeren Johannes 3:16: "Alzo lief had God de wereld dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe." Maar als ze dit in hun leven toepassen, zien ze het niet als een hartstochtelijke liefde van God, dat God werkelijk naar ons verlangde, dat Hij naar ons hunkerde, maar ze zien het meer als medelijden en dat God een voorziening bood omdat Hij zich op de een of andere manier verplicht voelde. En nu onze zonden zijn vergeven is het enige dat wij kunnen doen om onze schuld in te lossen, erop uit te gaan en God te dienen en dit te doen en dat te doen. We bieden God alle dingen aan die we hebben gedaan en denken dat dit tot Zijn welbehagen is. Natuurlijk zeg ik niet dat het God geen genoegen doet als wij Hem op die manier dienen, maar het geeft Hem geen welbehagen als wij dingen in de plaats stellen van onszelf. God wil ůns. Dat is het punt dat ik duidelijk probeer te maken. Lofprijs is jezelf aan God geven. Het dient God. Het geeft uiting aan je liefde en aanbidding voor God. Weet je, als ik terugkom op de vergelijking die ik maakte over mijn vrouw en wat ze allemaal voor me doet, dan is dat niet de reden waarom ik met haar trouwde. Ik trouwde met haar om een relatie met haar te hebben. Als zij haar dienstverlening en al dat soort dingen belangrijker zou vinden dan mij, dan zou ik eigenlijk walgen van precies die dingen die nu een zegen voor me zijn. 

In het Oude Testament zeiden de profeten precies hetzelfde over God. God had opdracht gegeven dat er offers moesten worden gebracht. Hij had opdracht gegeven dat de mensen Hem zouden volgen in allerhande plechtige feesten, de grote verzoendag, allemaal verschillende rituelen die Hij in het Oude Testament had opgedragen. En toch, toen het volk van God hun harten van God afwendden, hielden ze alleen nog maar een formaliteit over, een voorgeschreven procedure. Ze hadden geen hart meer voor God. Ze kwamen gewoon alle verplichtingen na, maar in hun hart waren ze afgescheiden van God. God wees op deze dingen door het woord van sommige profeten en zei: "Jullie feestdagen en offers, Ik ben er oververzadigd van, weg ermee, Ik kan het niet meer verdragen." En toch had God opdracht gegeven om deze dingen te doen, het waren goede dingen om te doen. Maar wat de Heer zei is: "Ik wil jullie dienst niet", omdat dit slechts symbolen waren, afbeeldingen, types, voorbeelden van wat in hun hart leefde. Hij zegt: "Als jullie Mij je hart geven, dan hoef Ik al dat andere niet." 

Ik geloof dat God op dezelfde manier kijkt naar veel van onze hedendaagse ceremonieŽn. Mensen gaan naar de kerk, ze betalen hun tienden, ze leiden een heilig leven en doen al dat soort dingen, en toch heeft God geen behagen in ze, omdat Hij die mensen niet echt heeft. Hij heeft niet hun hart. Hij heeft wat men Hem kan offeren, maar daar gaat het helemaal niet om. God houdt van jou persoonlijk. God verlangt er hevig naar dat je persoonlijk Zijn liefde beantwoordt. Niet dat je het uitdrukt door dingen, dat is ťťn manier om het te doen, maar God verlangt er hevig naar dat jij een persoonlijke, intieme gemeenschap met Hem hebt.

Er zijn letterlijk honderden tekstplaatsen in het woord die het hebben over het zegenen van de Heer. In Psalm 34: 2 zegt de Schrift: "Ik wil de Here te allen tijde prijzen, bestendig zij Zijn lof in mijn mond." Lofprijs zegent God. Er zijn zoveel tekstplaatsen die hierover gaan. Ik heb Psalm 100:4 al geciteerd, waar staat: "Gaat met een loflied Zijn poorten binnen, Zijn voorhoven met lofgezang, looft Hem, prijst Zijn naam."

Als we praten over het woord "zegenen", zoals in "de Heer zegenen", dan is dat een religieus woord geworden en veel mensen denken er niet werkelijk bij na wat het betekent. Ik heb mensen gehoord die opstonden en zeiden: "Zegen de Heer, zegen de Heer, zegen de Heer" en ze denken dat als ze die woorden maar vaak genoeg herhalen ze de Heer zegenen. Dat is niet altijd zo. Als de Schrift zegt: "Zegen de Heer", wordt er niet bedoeld dat deze woorden gezegd moeten worden, maar er wordt bedoeld dat God gezegend wordt door onze liefde en aanbidding en dat we dit naar God tot uitdrukking brengen.

Een voorbeeld hiervan is iets wat ik ongeveer tien jaar geleden meemaakte. Op een dag nam ik mijn twee jongens, Joshua en Peter, mee uit. We gingen paardrijden, ik kocht junkfood voor ze, ijsjes, dat soort dingen. We brachten gewoon de hele dag samen door. We speelden in de kreek. We stoeiden. We hadden een geweldige tijd. Ik herinner me dat, toen we die avond weer thuiskwamen en ze naar bed gingen - ik stopte ze in bed - dat ik Peter welterusten kuste en terwijl ik de kamer uitliep en het licht uitdeed, zei Peter: "Pap Ö" En ik zei: "Ja?" En hij zei: "Pap, je bent een goede papa." En weet je, het zegende me wat hij tegen me zei. Het was gaaf. Het maakte dat mijn hart op en neer sprong en salto's maakte. Wat hij op zijn manier zei was: "Dankjewel." Hij zei niet: "Ik zegen je, papa," nee, hij zei: "Pap, je bent een goede papa," en omdat hij dat zei, werd ik gezegend.

Zie je, als de Schrift ons aanspoort om de Heer te zegenen, dan is het dit wat wordt bedoeld. God wordt erdoor gezegend als wij uitdrukking geven aan onze liefde, aanbidding en lofprijs voor Hem. Voor veel mensen is dit een radicaal denkbeeld. Veel mensen denken dat de enige manier waarop ze God kunnen dienen is door gedienstig te zijn, door iets voor Hem te doen. We zijn zo ingesteld op plichten en werken en dat we iets voor God moeten doen. Maar zie je, God houdt van je. God wordt gezegend als je er uitdrukking aan geeft doordat jij je persoonlijke liefde aan Hem teruggeeft. Wij moeten leren dit in te zien. 

Toen Peter me vertelde: "Pap, je bent een goede papa," bracht het bij mij teweeg dat ik hem uit bed wilde halen, hem weer wilde meenemen om te gaan paardrijden, om alles weer opnieuw te doen, zodat ik dat "Pap, je bent een goede papa," weer zou horen. Dat is de reden waarom we dingen doen voor onze kinderen. We doen het omdat we van ze houden en we willen ze gezegend zien. En ik geloof dat God niet egoÔstisch is. Ik geloof niet dat Hij alleen maar aan ons gaf zodat we het terug zouden kunnen geven aan Hem. Mensen, als er ooit een voorbeeld was van onzelfzuchtige liefde, dan is dat God. Dus ik zeg niet dat God ons alleen maar zegent zodat wij hem terug kunnen zegenen, maar ik zeg dat God ernaar verlangt dat wij Hem zegenen, net zoals ieder mens dat zou willen. 

Als ik iets aan mijn kinderen geef, geef ik dat om hen te zegenen, omdat ik van ze hou. Ik eis het niet van ze, maar ik zou het heerlijk vinden als zij mij hun liefde teruggaven en ze dankbaar zouden zijn. Ik denk dat iedere ouder begrijpt waar ik het over heb. Dat zit in ons. We zijn gemaakt naar Gods beeld en God voelt het op die manier. Ik geloof dat als de Bijbel zegt dat we naar Gods beeld zijn gemaakt, dat het meer betekent dan alleen fysiek. Ik geloof dat technisch gezien we een geest hebben die naar Zijn beeld is gemaakt. Maar Gods beeld weerkaatst zich in onze persoonlijkheid, in onze wensen, enzovoort, en het verlangen dat we niet alleen liefde willen geven, maar ook willen ontvangen is een Goddelijke eigenschap. Ik geloof dat dat het hart van God weerspiegelt. God verlangt naar onze liefde. God heeft onze liefde nodig. God schiep ons voor dat doel, zodat Hij ons kon liefhebben, maar ook zodat wij Hem terug zouden liefhebben.

Broeders en zusters, maar weinig mensen hebben gezien dat dit een behoefte is van God. Tegenwoordig hebben we van alles, maar de seculiere wereld heeft iedereen gereduceerd tot slechts een nummer. Ik bedoel, we hebben een computernummer, een sofinummer, ons nummer van de creditcard. Op de een of andere manier zijn we voor anderen een nummer. We zijn een onpersoonlijkheid op ieder niveau van de maatschappij. Je belt deze nummers en je krijgt een computer die je vertelt dat als je dit wilt, je dit cijfer moet indrukken. Je kunt al je transacties via een computer afhandelen. Je bent slechts een nummer. Voor veel mensen ben je alleen maar een nummer. Als gevolg daarvan missen we een heleboel. We hebben een relatie nodig. Dat is waar mensen hongerig naar zijn. Jammer genoeg zie je dit ook veel in de kerk. Ik bedoel, we preken zo veel dat je moet werken voor God, iets voor God moet doen, iets doen, je bent niets waard voor God, je netto waarde voor God is direct evenredig met hoeveel je kunt doen, en ga zo maar door. Dit wordt vaker wel dan niet gezegd. Het gevolg is dat mensen de indruk krijgen dat God van ze houdt vanwege wat ze kunnen doen.

Het doet me eraan denken dat als je een milkshake hebt, je het rietje in de beker steekt en alles opzuigt wat in de beker zit en tenslotte, als de beker bijna leeg is en je een "shgrll" hoort, zoiets, nou, dan gooi je de beker weg. En sommigen van ons voelen zich zo. We hebben het gevoel van "God, ik ben niet meer in staat om mensen te zegenen, ik doe helemaal niets. Ik weet dat u niet van me kunt houden. Het heeft geen enkele zin dat ik besta." Ik maakte letterlijk zo'n periode mee toen ik in Vietnam was. Het was alsof ik niet productief was en ik had het gevoel van "God, het heeft geen zin dat ik leef." Ik wist dat ik gered was en dat ik bij de Heer zou zijn en ik vroeg de Heer: "Maak me dood en haal me thuis, want ik heb het gevoel dat ik alleen maar ruimte inneem." Eigenlijk gebruikte ik deze woorden ook: "God, ik ben niemand van nut. Ik heb niets bij te dragen. Het heeft geen zin dat ik besta." Zie je, dat toont aan dat ik totaal niet begreep wat redding betekent. Toch wordt dit heel, heel vaak in het Christendom zo voorgesteld. De meesten van jullie die naar deze tape luisteren hebben een sterk plichtsgevoel om iets voor God te doen. Maar dat is allemaal aan de buitenkant. Het is allemaal wat jij voor God kunt doen. Het is niet rechtstreekse communicatie met God. Ik probeer daar verandering in te brengen. Ik probeer dit op een ander niveau te brengen door te zeggen dat ťťn van de doelen van lofprijs, in feite het belangrijkste doel van lofprijs, is om God te kunnen dienen. Dat moet in ieders leven het allerbelangrijkste zijn. 

Jammer genoeg is dat vaak niet zo. Als we in moeilijkheden komen, is lofprijs gewoonlijk het eerste wat wegvalt. Zoals ik op de andere tapes zei, beschouwen we lofprijs als een optie. En als het erg moeilijk wordt, dan is dat ťťn van de eerste dingen die we laten varen, terwijl dat niet zo zou moeten zijn. We moeten inzien dat het voor ons eigen bestwil is als we lofprijs laten werken. Om de duivel weerstand te bieden, moeten we gaan lofprijzen. Maar ons eerste doel, waarom we geschapen zijn, was dat we God zouden kunnen prijzen, eren en glorie geven, dat we Hem zouden kunnen dienen.

Laat me Johannes 3:16 aanhalen. Dit is een erg bekende tekst uit de Schrift. Er staat: "Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe." Veel mensen zijn zo bekend met dit vers dat ze eerlijk gezegd niet weten wat er werkelijk staat. We gebruiken dit vers om te zeggen dat Jezus kwam om voor onze zonden te sterven, zodat we niet verloren zullen gaan. In feite is dit de boodschap van de kerk geweest. Men heeft gepreekt dat, als je niet naar de hel wilt gaan, dan moet je Jezus aanvaarden als je redder. En dat is een goede mededeling. Als we Jezus niet als onze redder aanvaarden, gaan we naar de hel. Ik wil maar zeggen, het is een goede reden om Jezus als je redder te aanvaarden zodat je niet naar de hel gaat. Maar wist je dat dit niet de boodschap was die de kerk in het Nieuwe Testament predikte? Het is allemaal wel waar, maar het is niet het goede nieuws. Het goede nieuws is dat, zelfs al verdien je het om naar de hel te gaan en zo, dat Jezus voor onze zonden betaalde. Waarom? Zodat je niet verloren zou gaan, maar eeuwig leven zou hebben.

De werkelijke nadruk van Johannes 3:16 zou moeten zijn dat Jezus kwam om ons eeuwig leven te brengen. Maar de manier waarop het gepreekt is, is dat Jezus kwam zodat we niet verloren zouden gaan. Dat is niet zo. Laat me hierover wat meer zeggen en luister er alsjeblieft goed naar. Het staat ook op een tape van mij, getiteld "Eeuwig leven", waar ik er veel gedetailleerder op inga, mocht je er vragen over hebben. Maar zonde was niet het werkelijke doel waarom Jezus naar de aarde kwam. Hij kwam niet in de eerste plaats om de mensheid hun zonden te vergeven. Wat Jezus kwam doen was om de mens eeuwig leven te brengen en het was toevallig zo dat zonde een obstakel was, een barriŤre die tussen ons en God instond en waar iets mee gedaan moest worden. De mens kon zelf niet zijn zondigheid overwinnen, dus daarom stierf Jezus voor onze zonden. Jezus bracht de verzoening. De zonde is verdwenen en het is waar dat onze zonden vergeven zijn door Jezus. Maar als iemand alleen dit zou horen en als dat de reden is waarom hij tot de Heer komt en belijdt dat Jezus zijn redder is, zodat zijn zonden vergeven zouden zijn, zodat hij niet naar de hel zou hoeven te gaan, als dat het totale doel was van zijn redding, dan mist hij het werkelijke doel van de redding. Jezus kwam niet om onze zonden te vergeven. Hij kwam om ons in relatie met God te brengen en toevallig was het zo dat zonde een belemmering was. We konden geen relatie met God hebben totdat er een oplossing was gevonden voor de zonde. En dus werd er iets gedaan aan de zonde. Maar het doel was om ons in een intieme relatie met God te brengen.

Als bij iemand zijn zonden worden vergeven en hij weet dat Jezus zijn redder is, maar als hij zich niet begeeft in een intieme relatie met God, dan mist hij wat werkelijk eeuwig leven is. Zie je, de meeste mensen denken dat eeuwig leven betekent dat je voor eeuwig leeft, dat je nooit sterft. Wel, iedereen zal voor eeuwig leven, in de zin dat niemand ophoudt te bestaan. Hitler leeft voor eeuwig. Sommigen zullen zeggen dat dit niet werkelijk leven is. Ik bedoel, hij leeft wel, maar hij is in de hel. Dit wordt de tweede dood genoemd. Eeuwig leven is dus niet dat je voor eeuwig leeft, maar dat je voor eeuwig met God leeft, tegenover voor eeuwig in de hel leeft. Maar dat is ook niet wat eeuwig leven is, want de Schrift zegt in 1 Johannes 5 dat we nu eeuwig leven hebben. Eeuwig leven is niet iets dat gebeurt als je naar de hemel gaat, eeuwig leven is een realiteit die er nu al is. In Johannes 17:3 vertelt de Schrift ons wat eeuwig leven is. Jezus sprak, Hij bad tot de Vader en Hij zei: "Dit nu is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt." Dat is eeuwig leven, dat je God kent.

Sommige mensen denken misschien: "Bedoel je dat alleen God kťnnen eeuwig leven is?" Het woord "kennen" hier in het Nieuwe Testament is het equivalent van het Hebreeuwse woord dat in het Oude Testament werd gebruikt, waar staat dat Adam gemeenschap had met zijn vrouw Eva en ze een zoon baarde. Het was een term die honderden keren in het Oude Testament werd gebruikt als het om intieme seksuele gemeenschap ging. Dus als in Johannes 17:3 staat dat dit het eeuwige leven is, dat wij Hem kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, die Gij gezonden hebt, dan staat hier dat eeuwig leven een relatie is, een intieme persoonlijke relatie met God. Om dat te verwerven kwam Jezus naar de aarde. De Heer kwam om ons daar naartoe te trekken. Dat is het volledige doel van onze redding. 

Zoals ik al eerder opmerkte, was het niet omdat God medelijden met ons had en een uitweg bood, zodat we niet zouden sterven en naar de hel gaan, maar Hij hield zoveel van ons dat Hij onze zonden wegnam, zodat we een persoonlijke relatie met Hem kunnen aangaan. Het Christendom is gebaseerd op een relatie, niet op regels en bepalingen. Het is niet alleen maar een doctrine. Ik kan je zeggen dat andere religies in de wereld een doctrine hebben. De Jehova-getuigen hebben een doctrine, de Mormonen hebben doctrines, Hindoes, Boeddhisten, Moslims hebben allemaal doctrines. Veel van deze religies hebben, als het gaat om striktheid, morele gedragscodes die gelijk staan of zelfs beter zijn dan het Christendom. Maar geen enkele andere religie in de wereld kent een persoonlijke relatie met God. Als je gelooft, dan heb je eeuwig leven, en Jezus definieert dit als een intieme relatie met God.

In 1 Johannes 1 zegt de apostel Johannes in vers 3: "Wij verkondigen het u, opdat ook gij met ons gemeenschap zoudt hebben. En onze gemeenschap is met de Vader en met zijn Zoon Jezus Christus." In het Nieuwe Testament had de kerk zo'n persoonlijke relatie met God. Daarom was de boodschap ook zo effectief. Het is een historisch feit dat 30 jaar na de opstanding van de Heer, de Nieuwtestamentische kerk in zijn geheel de toen bekende wereld het evangelie had verkondigd. Dat is een ontzagwekkende prestatie. Deze mensen hadden niet de voordelen van radio en televisie, cassettebandjes, ze hadden niet de moderne transportmiddelen zoals wij die hebben. Ze waren op bijna ieder fysiek gebied gehandicapt vergeleken met wat wij tegenwoordig hebben, en toch hadden ze een grotere impact op hun wereld dan wij op de onze hebben. Wij storten biljoenen dollars in de prediking van het evangelie en doen heel veel moeite, en toch was hier een groep ongeschoolde en ongeletterde mensen, zonder onze technologische vooruitgang en alle dingen die wij hebben, die een grotere impact hadden. Ik geloof dat je het verschil kunt samenvatten in het feit dat ze een zodanige persoonlijke relatie met God hadden dat mensen daarom tot hun boodschap werden aangetrokken. Ze predikten niet om zich te bekeren zodat ze niet naar de hel zouden gaan, wat eigenlijk de boodschap is die we vandaag brengen, maar ze predikten dat God je gemaakt heeft om gemeenschap mee te hebben. God houdt van je en God wil een relatie met je. De mensen zeiden daarom: "Hoe kan ik dat krijgen?" En ze zeiden: "Bekeer je van je zonden, ontvang Jezus, ontvang de vergeving van je zonden die je al is aangeboden, en dan is het er voor jou." Ze brachten mensen in een relatie met God.

Dat is ook waar de mensen tegenwoordig hongerig naar zijn. De mensen begrijpen dit niet, maar ze waren gemaakt, geschapen om met God gemeenschap te hebben. Dat is de reden waarom God ons heeft geschapen. En binnen ieder persoon is er een sterk verlangen, een hang naar een relatie, een diepe intieme relatie. Tegenwoordig is het behoorlijk vervormd. Mensen herkennen dit verlangen niet. Ze proberen het te bevredigen door seksuele relaties. En als ze ontdekken dat dat het niet is, dan zoeken ze het in perversiteit omdat ze denken dat als ze dat doen, dat ze het dan krijgen. Maar niets van dit alles bevredigt. Het enige wat werkelijk het hart van iemand zal bevredigen is een persoonlijke relatie met de Heer. Er zijn veel Christenen die zich hebben voorgenomen zich niet zedeloos te gedragen. "Ik ga niet in overspel leven, niet in homoseksualiteit, perversiteit, enzovoort", maar deze Christenen gaan dingen doen om dat verlangen van binnen te bevredigen. Ze gaan zo druk aan de slag en ze worden zo in beslag genomen met het doen van Gods werk dat ze min of meer de honger in zichzelf verdoven.

Maar daar gaat het helemaal niet om. Stel dat je op een onbewoond eiland zou stranden en er was niets meer wat je voor de Heer kon doen. Als er niemand anders zou zijn dan alleen maar jij en God en niets wat je zou kunnen doen, hoe zou je relatie dan zijn? Als je de Christenen in twee groepen zou verdelen, zou je kunnen zeggen dat de vleselijke Christenen het grootste deel van hun tijd besteden aan het bidden en God vragen om dingen. Ze vragen God voor een oplossing van hun lichamelijke behoeften, hun financiŽle noden of hun emotionele noden. Ze worden helemaal verteerd met het vragen om dingen. Aan de andere kant zijn er de geestelijke Christenen, tenminste, vaak worden ze zo genoemd, die hun tijd besteden aan het bidden voor de emotionele, lichamelijke, financiŽle behoeften van anderen. Dus eigenlijk kun je zeggen dat het grootste deel van de christenen verteerd worden door God te vragen om dingen. Dat is niet God dienen. Als we op een onbewoond eiland terechtkwamen en al die vragen om dingen voor onszelf of voor anderen weg zouden vallen, als we geen geestelijke strijd hoefden te voeren, als alles wat we hadden alleen onszelf en God zou zijn, als we terug waren in de toestand van Adam en Eva, en als het enige wat we nog hadden onze persoonlijke relatie met de Heer zou zijn, dan verzeker ik je dat velen van ons niet veel over zouden hebben. Als je alle tijd wegneemt die je besteedt aan het bidden voor dingen, aan het bidden voor anderen, zodat alleen de tijd overblijft die we werkelijk besteden aan het dienen van God, aan het liefhebben van God, dan zouden de meeste van ons tekortkomen. En toch zou dat het merendeel van onze gebeden moeten zijn. Als we de dingen in de juiste volgorde zouden zetten, zoals in MattŽus 6 staat, waar vers 33 zegt: "Zoek eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden", als we de Heer boven alles zouden stellen en Hem liefhebben en Hem dienen, dan zouden we niet zoveel tijd hoeven te besteden aan het vragen om dingen. Ze zouden ons geschonken worden. We zouden niet meer zoveel tijd hoeven te besteden om af te rekenen met de duivel en om al die andere dingen te doen.

Broeders en zusters, ik geloof werkelijk dat dit een buitengewoon belangrijk punt is. God houdt van ons en Hij verlangt naar onze liefde en onze aanbidding. We zijn voor dat doel geschapen en als we het niet doen, dan loopt alles scheef. We lopen in feite het eeuwige leven mis. Ik zeg niet dat we dan niet wedergeboren zijn. En ik zeg ook niet dat we niet naar de hemel gaan als Jezus werkelijk onze Heer is. Maar eeuwig leven betekent niet dat je voor eeuwig leeft. Eeuwig leven is een relatie hebben, een intieme, innige relatie met God. En dat is niet het brandpunt in het leven van de meeste mensen. Ik kan dit uit eigen ervaring zeggen. Ik moet me hier zelf ook voortdurend aan herinneren. Het is niet zo dat je een keer een besluit neemt op dit gebied en dat je er dan nooit meer moeite mee zal hebben. Ik bedoel, de Heer moest me dit duidelijk maken. De dingen die ik je nu vertel, heb ik waarschijnlijk de laatste 10 jaar gepreekt en ongeveer 20 jaar geleden drong dit tot mij door. En toch moet ik nog steeds vechten tegen de dingen van deze wereld die op me afkomen en mijn tijd willen opslokken en me afhouden van die persoonlijke relatie met God.

Ik denk dat dit erg moeilijk is voor voorgangers. Het is eigenlijk zo dat als ik naar een conferentie voor voorgangers ga, ik voortdurend over dit onderwerp onderwijs, want het is voor voorgangers zo gemakkelijk te verdedigen dat ze niet persoonlijk tijd met de Heer doorbrengen, omdat wat ze doen zo belangrijk is. Ik bedoel, wat ze doen verandert levens. Ik ben naar steden geweest waar ik bijeenkomsten hield en als ik het jaar erop terugkwam, waren mensen overleden, wegens ziekte of door een ongeval, of hun huwelijken waren kapot gegaan, enzovoort, omdat ze geen acht sloegen op wat ik had gezegd. Als jij je ervan bewust bent dat wat je aan het doen bent eeuwige waarde heeft, dat het in sommige gevallen het verschil uitmaakt tussen leven en dood, dan maak jij je werk tot zo'n hoge prioriteit dat je bijna kunt billijken dat je al het andere laat schieten. 

Ik ken veel voorgangers, en in het bijzonder ken ik deze ene man. Ik was met hem en zijn vrouw in gesprek over de noodzaak dat ze er eens tussenuit zouden gaan, als gezin een vakantie hebben, een poosje weggaan van de bediening en tijd met de Heer en met elkaar doorbrengen. Hierover praatte ik met hen. Ze hadden ook een vakantie geboekt, maar op de dag dat ze zouden vertrekken, overleed iemand in hun kerk. En ze voelden zich verplicht om er te zijn voor de familie, dus annuleerden ze hun vakantie en gingen ze niet. Terwijl het toch vier tot vijf jaar geleden was dat ze tijd hadden vrijgenomen voor zichzelf. Het is zo gemakkelijk om steeds maar bezig te zijn, zo betrokken te zijn bij de bediening. Maar dat kun je niet doen. Je moet ervan doordrongen zijn dat je voorrang moet geven aan je gezin en daar bovenop, dat je voorrang moet geven aan God. We moeten alles in de juiste volgorde zetten.

De Heer zei eens tegen me dat als het ooit zover met mij zou komen dat ik me drukker maak over het dienen van mensen dan over het dienen van Hem, ik eigenlijk de duur van mijn bediening zou verkorten, dat ik ineffectief zou worden. Juist datgene waarvoor God me gezalfd heeft, waardoor Hij me gebruikt als een zegen voor andere mensen, is afhankelijk van mijn persoonlijke relatie met Hem. En als ik me drukker maak over het dienen van andere mensen, zodat ik geen tijd heb voor God, dan verkort ik mijn bediening en eindigt het ermee dat ik eigenlijk minder mensen bereik. Je moet de dingen de juiste prioriteit geven en soms moet je, als je dat doet, gelegenheden om mensen te dienen afwijzen.

We kunnen een voorbeeld hiervan zien in het leven van Jezus. Een aantal keren, als de menigte zich rondom Hem verdrong en de mensen uitriepen dat Hij de Koning was, dat Hij de Messias was, toen het leek of alles Hem meezat, ik bedoel, Hij bevond zich op het toppunt van activiteit, dan zonderde de Heer Zichzelf en Zijn discipelen af. Ze trokken zich terug, weg van de menigte, omdat ze het nodig hadden om te rusten. Soms bleef Jezus de hele nacht op om te bidden en om gemeenschap te hebben met de Vader, omdat Hij dat niet gedurende de dag kon doen, omdat zoveel mensen Hem opzochten. Jezus gaf voorrang aan de persoonlijke relatie met God. Hetzelfde moet opgaan voor een voorganger. Het moet hetzelfde zijn voor ieder individueel lid in het Lichaam van Christus.

We moeten inzien dat hierdoor al het andere werkt. Als onze persoonlijke relatie met God verslapt, dan zal al het andere uiteindelijk rondom ons afbrokkelen. De manier waarop we deze persoonlijke relatie met de Heer onderhouden is niet beperkt tot lofprijs, maar ik geloof dat dat wel de manier is waarop we Zijn poorten binnengaan, met dankzegging, en in Zijn voorhoven met lofprijs. Lofprijs is de manier om deze liefdesrelatie met God te beginnen. Als we beginnen met God te zegenen, Hem te vertellen hoeveel we van Hem houden, Hem danken voor wat Hij heeft gedaan, dan verzeker ik je dat God Zijn liefde terug aan jou gaat geven. Het is zoals het voorbeeld dat ik gaf over Peter die zei: "Pap, je bent een goede papa." Tjonge, het maakte dat ik op dat moment alles voor hem wilde doen. God is net zo. Ik geloof dat God er opgewonden van wordt, als je me deze term laat gebruiken. Ik hoop dat niemand het verkeerd interpreteert wat ik zeg. Maar God houdt van ons. En als wij Hem terug liefhebben, dan zegent dat God.

Een goede vriend van mij heeft een openbaring gehad hoeveel God van hem houdt. Hij kwam uit een verschrikkelijke toestand. Hij was in een psychiatrisch ziekenhuis, en hij werd wedergeboren. Ik wil maar zeggen, er was niets in zijn leven dat hem wettigde om wedergeboren te worden, dus daarom kreeg hij een openbaring dat God van Hem houdt. Het resultaat is dat hij nu een geweldige man is geworden. Hij is voorganger in een kerk, hij ziet grote dingen gebeuren, maar hij heeft dit gezegde, hij vertelt aan heel veel mensen: "God houdt van me. God heeft mijn foto in Zijn portefeuille." En aan andere mensen vertelt hij: "God heeft een foto van mij op Zijn schoorsteenmantel staan." Weet je, veel mensen zijn hier verontwaardigd over. Ze denken: "Man, wie denk jij wel dat je bent. Jij denkt dat je heel bijzonder bent, dat jij God kunt zegenen, en dat jij denkt dat je iets hebt wat je aan God kunt geven. Je moet inzien dat je een worm bent, enzovoort." Mensen raken overstuur van hem, maar het punt dat hij maakt is dat God van hem houdt. Hij heeft daar een openbaring van. Hij weet dat als hij God terug liefheeft, dat als hij aan God vertelt dat hij van Hem houdt, dat dat een zegen is voor God. En zo is het ook bedoeld dat het moet zijn.

Het is niet ondenkbaar voor iemand die genoeg van je hield, dat als Hij voor je zou sterven, dat als Hij Zijn Zoon naar de aarde zou sturen om vernederd te worden en voor je te sterven, dat Hij dan ook gezegend zou worden als we Hem vertellen dat we van Hem houden. De oude religieuze houding is dat we zo onwaardig zijn en dat we God niet kunnen zegenen. We kunnen niets doen voor God. Het enige wat we kunnen doen is Hem dienen als een slaaf, een onwaardige slaaf. Mensen, dat is niet zo. God heeft ons veranderd. We zijn nu gerechtvaardigd in God door Hem. Veel Schriftplaatsen zeggen dit. God heeft ons geaccepteerd door Zijn bloed, zoals Efeze 1:7 zegt. God is blij met ons. Onze lofprijs doet Hem genoegen.

Hier is een tekst uit Psalm 149:3-4 dat dat ook zegt. Er staat: "Laten zij Zijn naam loven met reidans, Hem psalmzingen met tamboerijn en citer. Want de Here heeft een welbehagen in Zijn volk." God heeft een welbehagen in ons. In Psalm 22:4 staat: "Nochtans zijt Gij de Heilige, die troont op de lofzangen IsraŽls." Natuurlijk was in het Oude Testament IsraŽl het volk van God. Tegenwoordig troont God op de lofzangen van de wedergeborenen. In Sefanja 3:17 staat: "De Here, uw God, is in uw midden, een held, die verlost. Hij zal Zich over u met vreugde verblijden; Hij zal zwijgen in Zijn liefde; Hij zal over u juichen met gejubel." Deze tekstplaatsen laten Iemand zien die meer doet dan alleen maar uit plichtsgevoel medelijden met ons hebben. Dit toont aan dat God van ons houdt. Hij rust in ons. Hij verblijdt zich over ons lofgezang.

Ik weet nog dat, vlak nadat we uit een confessionele kerk kwamen, we ergens waren waar we God aanbaden en prezen. We deden dit urenlang, twee tot drie uur. De Heer liet Jamie in het geestelijke gebied zien en in dat gebouw zag ze engelen die boven ons dansten. Eerst kwam dit op ons over als "Hoe kan dit! Wie zijn wij om te denken dat de engelen boven ons kunnen dansen en zich met ons kunnen verheugen". De Heer bracht ons deze tekst uit Sefanja 3:17 in gedachten. Het is precies zoals het woord zegt. God houdt van ons. Als wij van Hem beginnen te houden en Hem gaan aanbidden, dan kan ik je zeggen dat dat het hart van God raakt. Ik geloof dat de hele hemel aan het dansen is en God prijst. Er is vreugde in de hemel als we God prijzen. Dat is waar we voor geschapen zijn. Het maakt dat alles op zijn plaats valt.

Weet je, David was een man waarvan de Schrift zegt dat hij een man naar Gods hart was. Dat staat in 1 SamuŽl 13:14 en ook in Handelingen 13:22 . Ik geloof dat lofprijs ťťn van de dingen was die David tot een man naar Gods hart maakte. David was degene die het merendeel van de psalmen geschreven heeft. David was God voortdurend aan het prijzen. Op een keer prees hij God zo demonstratief, het hele volk IsraŽl kon het zien, dat zijn vrouw, die Mikal heette en die uit een venster keek en hem zag dansen en God prijzen, tegen hem zei, toen hij in huis kwam, dat hij zich als een dwaas had gedragen voor het hele volk. Ze voelde zich in verlegenheid gebracht omdat hij zo demonstratief bezig was om voor de buitenwereld God te prijzen. Weet je wat de reactie van David was? Hij zei: "God heeft alles voor me gedaan. Ik was niets totdat de Heer me riep en me zalfde. Ik zal God prijzen met alles wat ik heb. En ik zal demonstratiever zijn dan dit. Ik zal doorgaan me als een dwaas te gedragen als jij dat zo noemt, zodat ik God kan verheerlijken." Natuurlijk kwamen Mikal en David nooit meer over deze kwestie heen. Er staat dat zij geen kinderen meer kreeg tot de dag waarop ze stierf . Ze hadden dus geen gemeenschap meer met elkaar. Hiermee wil ik maar zeggen dat David, zelfs toen zijn vrouw de draak met hem stak, weigerde om ook maar iets van zijn lofprijs en aanbidding voor God op te geven. Dat is ťťn van de dingen die hem een man naar Gods hart maakte, dat hij van God hield en dat hij ervoor uitkwam. Het was een prioriteit in zijn leven.

We kunnen dit zien in 1 Kronieken 23:5. Dit is een geweldige bijbeltekst. David wilde een tempel voor de Heer bouwen, maar de Heer vertelde David het niet zelf te doen. Hij zei dat Hij zijn zoon een tempel voor Hem zou laten bouwen, wat hij ook deed. Maar David, hoewel het hem was verboden de tempel te bouwen, richtte wel een tabernakel op en hij bracht de ark van het verbond naar Jeruzalem. Hij stelde in dat er voortdurend aanbidding zou zijn en hij gaf opdracht voor het aanstellen van poortwachters. In 1 Kronieken 23:5 staat: "Vierduizend poortwachters; en vierduizend zullen de Here prijzen op de instrumenten, die ik voor het lofprijzen heb laten maken." David verdeelde hen in afdelingen. Hiermee wordt bedoeld dat hij hen in verschillende ploegen verdeelde, zodat er 24 uur per dag lofprijs voor God zou zijn. Hij benoemde 4000 mensen wier enige taak was om God te prijzen. Dat is ontzagwekkend. Wist je dat als vandaag de dag 400 mensen in de kerk benoemd zouden worden die ervoor betaald werden, zodat hun hele levensbestaan bestond uit het aanbidden van de Heer en het prijzen van God, dat de meeste mensen hier kritiek op zouden hebben. Er zou hevig bezwaar tegen komen omdat we niet die prioriteit aan lofprijs geven. Toch is het dit waar het in de tempel en tabernakel om ging. David benoemde deze zangers en 24 uur per dag waren er muziekinstrumenten, gezang en lofprijs die voortdurend naar God op gingen.

In het Nieuwe Testament zijn wij de tempel van de Heer. Wij hebben niet een gebouw. We hebben kerken waar we naar toe gaan, maar dat zijn slechts plaatsen waar we elkaar kunnen ontmoeten. Wij zijn de tempel van de Heer en onze tempel zou 24 uur per dag moeten aanbidden en God prijzen. Veel tekstplaatsen gaan hier over. Ik heb al een aantal daarvan geciteerd. Maar de Schrift zegt dat we voortdurend aan God een lofoffer moeten brengen, namelijk de vrucht van onze lippen die Gods naam prijzen (HebreeŽn 13:15). David prees God voortdurend. Ik geloof dat hij daarom een man naar Gods hart was.

We zien dit ook in 2 Kronieken 5, waar Salomo, de zoon van David, de tempel inwijdde. Hij bad tot God over de tempel en in verzen 13 en 14 staat: 
Toen zij (de levitische zangers en 120 priesters) tezamen trompetten en eenstemmig een lied lieten horen, om de Here te loven en te prijzen, en de stem verhieven bij trompetten, cimbalen en andere muziekinstrumenten, en de Here aldus prezen: Want Hij is goed, want Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid Ė toen werd het huis, het huis des Heren, vervuld met een wolk, zodat de priesters vanwege de wolk niet konden blijven staan om dienst te doen, want de heerlijkheid des Heren had het huis Gods vervuld.

Dit is een krachtige tekst. Het waren dezelfde zangers, niet noodzakelijkerwijs dezelfde mensen, maar dezelfde orde die Salomo had aangehouden, dezelfde orde die zijn vader David had ingesteld. Er waren 4000 mensen die God voortdurend prezen. Salomo volgde datzelfde voorbeeld. Terwijl ze bij de inwijding van de tempel God begonnen te prijzen, vulde de heerlijkheid van de Heer het huis in de vorm van een wolk, zodat de priesters niet konden blijven staan om dienst te doen. Hiermee wordt gezegd dat de heerlijkheid van God hen letterlijk op hun gezicht liet vallen, waarvan veelvuldig in de Schrift wordt getuigd. Zoals toen Jezus sprak en de hele troep soldaten achterover op de grond viel , Johannes viel op zijn gezicht voor de Heer , DaniŽl viel op zijn gezicht alsof hij dood was , enzovoort. Mensen die in de aanwezigheid van God komen, de gemanifesteerde heerlijkheid van God, vallen letterlijk op hun gezicht en dat is wat hier gebeurde. De kracht en de heerlijkheid van God vulde het huis toen zij aan het prijzen en aanbidden waren. God troont op de lofzangen van Zijn volk.

Broeders en zusters, hiervoor heeft God ons geschapen. Iemand die God niet prijst is iemand die niet werkelijk de poorten en de voorhoven van de Heer binnengaat. Nu zeg ik niet dat we, als we het niet doen, dan niet wedergeboren zijn en dat de kracht van God niet in ons woont. Maar het zal er nooit uitkomen, het zal nooit tot manifestatie komen, totdat we werkelijk beginnen om God te verheerlijken en te prijzen. Dat is wat dit tekstgedeelte zegt. Het is ťťn van de belangrijkste dingen die we kunnen doen. Ik geloof dat het Gods oorspronkelijke doel was om ons te scheppen en dat het nog steeds Gods doel is. In Psalm 50:23 staat: "Wie lof offert, eert Mij, en baant de weg, dat Ik hem Gods heil doe zien." Als we God prijzen, zijn we God aan het verheerlijken en Hij zegt dat het ons een weg zal banen. Als we beginnen God te prijzen, Hem de eer geven die Hem toekomt, dan zal Hij ons Gods heil doen zien.

We moeten er wel zeker van zijn dat onze motieven zuiver zijn. We zouden niet alleen maar moeten beginnen met God te aanbidden omdat wij er voordeel van zullen hebben. We moeten inzien dat, zelfs als we er geen enkel voordeel van zouden hebben, we toch God zouden moeten aanbidden, omdat Hij het waard is aanbeden te worden. Maar als we dat doen, dan kan ik je beloven dat je aan God nooit meer kunt geven dan wat Hij aan jou geeft. Als jij begint God te verheerlijken en te prijzen, dan zal Hij dat aan je vermenigvuldigen. Als jij begint Hem te zegenen, dan gaat Hij jou meer zegenen dat dat jij Hem ooit gezegend hebt. Tjonge, dat is geweldig. Ik zeg je, God is een goede God.

In HebreeŽn 13:15 staat, wat ik al eerder genoemd heb: "Laten wij dan Gode voortdurend een lofoffer brengen, namelijk de vrucht van onze lippen die Zijn naam belijden" . De Schrift zegt hier dat het een offer zou moeten zijn, een voortdurend lofoffer dat we aan God brengen. Dat betekent niet alleen, als je ervoor in de stemming bent, maar omdat God goed is. We hebben het nodig Hem lief te hebben en we hebben het nodig dat we Hem dienen.

Er was een vrouw in de Hunsdale gevangenis die me een brief schreef. Dat was ongeveer 8 tot 10 jaar geleden. Deze vrouw stond onder maximale bewaking; ze zat in eenzame opsluiting. Ik weet de details niet helemaal precies, maar ze zat gevangen vanwege een ernstige misdaad. Ik denk dat het moord was. Ze zei dat ze niet eerder dan in 1999 voorwaardelijk vrijgelaten zou kunnen worden . In deze brief vertelde ze me dat ze wedergeboren werd nadat ze de gevangenis was ingegaan en ze had een werkelijk oprechte bekering ervaren. Ze zei dat ze zeker wist dat ze wedergeboren was en dat, als ze zou doodgaan, ze naar de hemel zou gaan. Dat was het probleem niet. Maar ze had het gevoel dat haar hele leven verspild was. Het gezin waarin ze was opgegroeid was door haar gedrag totaal te schande gemaakt en ze had het leven van haar familie verwoest. Ze had het leven van haar eigen gezin verwoest. Ik denk dat ze getrouwd was en kinderen had, en nu was haar man van haar gescheiden en haar kinderen waren zonder moeder omdat ze in de staatsgevangenis zat. Ze had zich ook gemengd in het leven van een ander gezin. Als het moord was geweest, dan was dat gezin getroffen omdat ze iemand had vermoord en was hun leven verwoest. Deze vrouw voelde zich dus alsof ze alleen maar een probleem voor anderen was geweest. Nu was ze wedergeboren, maar ze zat in de staatsgevangenis en ze parasiteerde op de maatschappij. Het kostte geld om haar te onderhouden en bovendien zat ze in eenzame opsluiting, dus ze had niet eens celgenoten. Ze kon geen andere mensen ontmoeten, en vanwege haar eenzame opsluiting kon ze haar leven niet goedmaken door met andere mensen te praten. Als gevolg daarvan was deze vrouw totaal depressief en ontmoedigd, zodat ze alleen maar zei: "God, haal me thuis. Ik wil doodgaan. Ik wil thuiskomen. Mijn leven hier heeft geen enkel doel. Ik neem alleen maar ruimte in, adem de lucht in die iemand anders had kunnen gebruiken." Ze voelde zich volkomen nutteloos, vanwege die mentaliteit die ik zojuist heb geprobeerd duidelijk te maken, dat onze netto waarde voor God samenhangt met hoeveel we precies voor Hem kunnen doen, hoe productief we voor Hem kunnen zijn. Zie je, deze vrouw dacht ook op die manier. Maar ze hoorde me op de radio terwijl ik over dit onderwerp onderwees waar we het op deze tape over hebben. Ze schreef me deze brief. Ze legde haar vroegere situatie uit. En toen zei ze: "Maar nu begrijp ik dat God van mŪj houdt. Niet om wat ik voor Hem kan doen. Maar God houdt van me en ik kan God zegenen. Ik kan Hem dienen. Ik kan maken dat mijn leven zin heeft. Ik kan van God houden." Ze schreef dat ze nu een doel had in haar leven en dat de tijd tot het jaar 1999 vliegensvlug voorbij zal gaan, omdat ze nu God kan dienen: "God is gezegend door mijn lofprijs."

Ik kan je vertellen dat die brief mij goed deed, mij zegende. Want dat is waar het eeuwige leven om gaat. Je relatie met God moet het fundament zijn, moet, boven alles de hoogste prioriteit hebben. Die vrouw ervoer meer redding, meer voorrecht, meer vrijheid dan het merendeel van de Christenen die nooit in de gevangenis zijn geweest. Want vaak worden we zo in beslag genomen door al die andere dingen. Zij was gedwongen om haar aandacht op de Heer te richten en in te zien dat dit het enige was wat ze God kon offeren. Er zijn dingen die we voor de Heer kunnen doen, maar er is niets wat we kunnen doen dat zo doeltreffend is, dat werkelijk God dient, dan dat we allereerst onszelf geven. En dat is nu juist datgene wat velen van ons niet hebben gegeven. We hebben van alles aan God gegeven, behalve onszelf. Maar God wil ůns. God wil jůu. God verlangt ernaar dat je van Hem houdt.

Dit is werkelijk het belangrijkste aspect van lofprijs. Als we dat doen, zal al het andere werken. Als we aan God geven, zal God teruggeven aan ons. In Lucas 6:38 staat: "Geeft en u zal gegeven worden: een goede, gedrukte, geschudde, overlopende maat zal men in uw schoot geven. Want met de maat, waarmede gij meet, zal u wedergemeten worden." Als we aan God geven, dan verzeker ik je dat God aan ons terug zal geven. Als je begint om van God te houden, dan zal Gods liefde zo zichtbaar in je leven worden dat je vervuld wordt met alle volheid van God. Dat staat in Efeze 3 . De tekstplaats hier is een gebed. Paulus bidt dat je in staat bent te vatten hoe groot de breedte en lengte en hoogte en diepte is en te kennen de liefde van Christus, die de kennis te boven gaat (verzen 18 en 19).

Op het eerste gezicht lijkt dit op een tegenspraak. Als het de kennis te boven gaat, hoe kun je het dan kennen? Maar hier betekent het woord "kennen" weer "intieme relatie". Daar gaat het hier over. Het gaat over een ervaringskennis. Als je de liefde van God zou ervaren, die alle kennis te boven gaat, dan zul je vervuld worden tot alle volheid van God. Als we beginnen van God te houden en aan Hem te geven, dan zal Hij die liefde aan ons teruggeven. Je zult een openbaring ervan ontvangen en het gevolg zal zijn dat je vervuld wordt tot alle volheid van God.

Er is niemand die naar deze tape luistert die niet vervuld wil worden met alle volheid van God. Maar vaak begrijpen we niet hoe we dit moeten doen. We denken dat we het moeten verdienen, dat je ervoor moet werken. Als ik dit doe voor God, als ik dat doe voor God, dan zullen al deze dingen gebeuren. Nee, de waarheid is dat God al van je houdt. Als jij begint Hem te danken voor de liefde en de grote dingen herhaalt die Hij voor je heeft gedaan, dan zal de liefde van God in je hart gestort worden en het zal uit je stromen. Als je dan de liefde van God begint te voelen en te ervaren, dan zul je Hem steeds meer prijzen, en als je Hem steeds meer gaat prijzen, dan zul je steeds meer de liefde van God ervaren en zul je vervuld worden tot alle volheid van God.

Al het andere komt voort uit liefde. In Galaten 5:6 staat dat geloof door liefde werkt. Als jij meer geloof nodig hebt, dan heb je het nodig dat je meer liefde gemanifesteerd ziet, een diepere openbaring van de liefde. Hoe krijg je dat? Door God te prijzen. Als je Hem begint lief te hebben en jij je liefde aan God aanbiedt en deze persoonlijke relatie aangaat, dan zeg ik je dat de liefde van God overvloedig zal worden in je leven. Jij begint God te prijzen en al het andere zal in een juist perspectief komen. Prijs de Heer!

Laat me eindigen door je de Psalmen 149 en 150 voor te lezen. Dit zijn maar een paar korte voorbeelden van waar alle psalmen eigenlijk over gaan. Er zijn natuurlijk heel veel andere voorbeelden in het woord van God, maar het boek Psalmen is eigenlijk een gezangenboek, het is een manier om dingen te nemen die door andere mensen door de Geest geÔnspireerd zijn en je kunt deze dingen terugbidden naar de Heer. Maar luister hiernaar. Het is werkelijk krachtig.

Psalm 149 zegt:

1 Halleluja. Zingt de HERE een nieuw lied, 
zijn lof in de gemeente der vromen. 
2 IsraŽl verheuge zich in zijn Maker, 
laten de kinderen Sions juichen over hun Koning; 
3 laten zij zijn naam loven met reidans, 
Hem psalmzingen met tamboerijn en citer. 
4 Want de HERE heeft een welbehagen in zijn volk, 
Hij kroont de ootmoedigen met heil. 
5 Laten de vromen juichen met eerbetoon, 
jubelen op hun legersteden. 
6 De lofverheffingen Gods zijn in hun keel, 
een tweesnijdend zwaard is in hun hand, 

In het Nieuwe Testament staat dat het tweesnijdende zwaard het woord van God is. 

7 om wraak te oefenen aan de volken, 
bestraffingen aan de natiŽn; 
8 om hun koningen met ketenen te binden 
en hun edelen met ijzeren boeien; 
9 om het beschreven vonnis aan hen te voltrekken. 
Dat is de luister van al zijn gunstgenoten. Halleluja. 

Lofprijs, gekoppeld aan het Woord van God, is de manier waarop we wraak en oordeel uitoefenen op onze vijand, de duivel. Dit zijn werkelijk krachtige teksten.

Psalm 150:

1 Halleluja. Looft God in zijn heiligdom, 
looft Hem in zijn machtig uitspansel; 
2 looft Hem om zijn machtige daden, 
looft Hem naar zijn geweldige grootheid. 

Dit is eigenlijk onmogelijk. "Naar" betekent "in verhouding tot", "in de mate van". Als we aan God de eer zouden geven die Hij werkelijk verdient, dan zou niemand van ons iets anders kunnen doen. Hij verdient alles wat we hebben. En toch is dat de richting die we op zouden moeten gaan. Dat is het doel dat we moeten hebben: God te verheerlijken zoals Hij het verdient verheerlijkt te worden.

3 Looft Hem met bazuingeschal, 
looft Hem met harp en citer, 
4 looft Hem met tamboerijn en reidans, 
looft Hem met snarenspel en fluit, 
5 looft Hem met klinkende cimbalen, 
looft Hem met schallende cimbalen. 
6 Alles wat adem heeft, love de HERE. 
Halleluja. 

Ik geloof dat iedereen adem heeft. Zolang je adem hebt, zou je God moeten prijzen. Kijk niet naar je omstandigheden, wacht niet tot dingen veranderen, totdat je geen problemen meer hebt en alles gewoon goed gaat in je leven. Kies ervoor om God te prijzen omdat Hij waard is geprezen te worden. Als je op dit moment niets prijzenswaardigs in je situatie ziet, sluit dan je ogen en begin je ogen op Jezus te richten, op wat Hij voor je heeft gedaan en wat Hij heeft belooft dat Hij voor je zal doen. Als je dat gaat doen, dan zul je net als Paulus ontdekken dat je slechts te maken hebt met een lichte last der verdrukking . Het stelt niets voor. Alles, hoe erg je probleem ook is, is niets in het licht van de eeuwigheid. Amen?

De schadeloosstelling en beloning die God voor ons heeft klaarliggen wegen ruimschoots op tegen alles wat we hier moeten doorstaan, wat het ook maar is. Ik zeg je dat Gods vergoeding, Zijn beloning, overweldigend en groter zal zijn dan welk probleem of beproeving ook die we hier beneden zullen hebben. Dat is genoeg om God voor te prijzen.

We hebben het nodig God te prijzen en Hem lief te hebben, want in de eerste plaats is dat het waar God ons voor geschapen heeft. Daardoor wordt je vervuld en het gaat je helpen om de wens die God heeft voor gemeenschap met ons, waarvoor Hij ons geschapen heeft, te vervullen. Als we God liefhebben en dat uiten door lofprijs, dan is dat sterkte, kracht om de vijand en de wreker te doen verstommen. Het zal satan angst aanjagen. Het zal hem verlammen en zijn kracht in je leven teniet doen. En het zal jou veranderen. Het zal je uit je negativisme halen, het zal je uit het mopperen en klagen halen. Als je gaat werken in dankzegging, zal dat je in geloof brengen, zodat je begint over te vloeien in geloof. Het zal je hele manier van denken omkeren. Je zult dingen op een nieuwe manier beginnen te zien.

Lofprijs heeft invloed op ieder gebied van ons leven: onze persoonlijke relatie met God, onze geestelijke strijd tegen de duivel en ons eigen mentale en emotionele welzijn. Lofprijs is iets waar geen enkele Christen zonder kan en het moet niet alleen maar een bijkomstigheid zijn. Het zou zo moeten zijn dat we ons gebed beginnen en eindigen met de Heer te prijzen. Het zou zo moeten zijn dat we iedere dag beginnen en eindigen met God te prijzen. We moeten Hem prijzen in de ochtend, Hem prijzen in de middag en Hem prijzen als de zon ondergaat. Dat is wat de Schrift ons aanspoort om te doen. 

Mijn gebed is dat je de dingen waar we het op deze serie tapes over hebben gehad, dat je die aanneemt als het Woord van God, ze toepast en ze door God laat aanvullen. Er zijn zoveel teksten over dit onderwerp dat we het eigenlijk nog maar oppervlakkig hebben behandeld. Laat God je in een prijzenswaardig leven leiden, waarin je God verheerlijkt met alles wat je hebt. Dat is het doel van jouw bestaan. En als je daarin begint te leven, zal het je leven veranderen en uiteindelijk de levens van anderen. 


 

www.vergadering.nu